Financiële repressie in India

Het bleef wat onder de internationale mediaradar, maar in India speelde zich eerder deze maand een sterk staaltje van financiële repressie af. Die media hadden met de Amerikaanse verkiezingssoap andere katten te geselen en dit was scherp gezien van de Indiase autoriteiten.

India telt 1,25 miljard inwoners en is één van de snelst groeiende emerging markets ter wereld. Daarnaast kampt het land ook met tal van problemen, met voorop een gebrekkige infrastructuur en corruptie. De sociale structuur is er op een vrij ingewikkelde manier georganiseerd (kastenstelsel) en er vallen ook grote groepen uit de boot (de kastenlozen). Meer dan 90 procent van de economische transacties verloopt in contanten. Een aanzienlijk deel van de bevolking (53 procent volgens de Reserve Bank of India) heeft geen eigen bankrekening en bijgevolg ook geen debet- of kredietkaart.

De schaduweconomie tiert er dan ook welig. De omvang ervan wordt geschat op bijna een kwart van het officiële bruto binnenlands product (bbp). Indiërs hebben een broertje dood aan belastingen betalen. Ze zien niet in waarom ze geld moeten afgeven aan een overheid waarvan ze heel weinig of niets van terugkrijgen.

Een deel van de verborgen rijkdom uit ontdoken belastingen vindt zijn weg naar steekpenningen aan corrupte ambtenaren waarvan de bevolking de meest uiteenlopende gunsten probeert gedaan te krijgen. Een ander deel vloeit richting misdaad en de financiering van terreurbewegingen.

Het aanpakken van corruptie en de zwarte economie was de belangrijkste verkiezingsbelofte van premier Narendra Modi.  Bedoeling is om de tientallen miljarden aan zwart geld uit de economie te halen.

Modi

Modi koos voor een schoktherapie om dit te bewerkstelligen. De biljetten van 500 en 1000 roepie, samen goed voor 85 procent van de geldvoorraad, werden in één klap afgeschaft als wettig betaalmiddel. Eigenaars hebben tot 30 december de tijd om deze op een rekening te plaatsen of om te ruilen tegen nieuwe biljetten van 500 en 2000 roepie. Ten minste, indien men kan aantonen dat het om legaal verdiend geld gaat waar al belastingen werden op betaald. En daar wringt in veel gevallen precies het schoentje.

Om de maatregel zo effectief mogelijk te doen verlopen, werden er vooraf zo weinig mogelijk mensen van op de hoogte gesteld. Naast Modi zelf ging het om de Minister van Financiën, de gouverneur van de Indiase centrale bank en nog enkele ingewijden. De rest van het kabinet werd pas op de hoogte gebracht, net voor de bevolking door een toespraak van Modi op de nationale televisie.

Effectief was de maatregel wel, maar efficiënt allerminst. Het spreekt voor zich dat zoveel geld niet ineens vervangen kan worden. Eén en ander verliep dan ook in een complete chaos. De banken bleven 24 uur dicht om de kantoren en de geldautomaten te voorzien van nieuwe biljetten. Maar bij opening was ongeveer de helft nog niet bevoorraad. Miljoenen Indiërs stonden dagenlang in de rij om hun geld om te wisselen.

currency1-14-1479113458

Dit leidde tot een acuut gebrek aan nieuw geld waardoor een deel van de economie tot stilstand kwam. De Minister van Financiën erkent de problemen en gaf toe dat deze onvermijdelijk zijn. Het kan nog meerdere weken duren vooraleer alle geldautomaten aangepast zijn.

De doelstelling van Modi&Co mag dan op papier al nobel zijn, waar het op neerkomt is dat een grote groep mensen van het ene moment op het andere zo goed als volledig onteigend werden. Modi doet bovendien enkel aan symptoombestrijding maar pakt de oorzaken van zwart geld en corruptie niet aan.

Neemt u van ons aan dat India niet de laatste staat is die dergelijke onteigening zal doorvoeren. Enkele dagen later pleitte investeringsbank UBS voor een gelijkaardige maatregel in Australië om de zwarte economie een slag toe te dienen. Wie is de volgende?

Er zijn in elk geval voldoende precedenten. Zo was er dichter bij huis de Gutt-operatie van 1944. De tot Belg genaturaliseerde Camille Gutt was Minister van Financiën in het Belgische oorlogskabinet tijdens WOII. Gutt heeft de bedenkelijke eer dat zijn naam verbonden is aan de geldsanering net voor het einde van de oorlog. Omdat de geldhoeveelheid op korte tijd sterk was toegenomen (hé, was dit de voorbije jaren ook niet opnieuw het geval…), werd een reeks maatregelen genomen om de prijsstabiliteit te herstellen. Eén daarvan was de verplichte inwisseling van biljetten van 100 frank met een maximum van 4000 frank per gezinslid.

Een jaar later waren de Nederlanders aan de beurt met het tientje van Lieftinck. De toenmalige Minister van Financiën Piet Lieftinck maakte in 1945 alle Nederlandse papiergeld ongeldig. Alle oude bankbiljetten moesten in 1 week tijd worden ingeruild tegen nieuwe. Elke Nederlander kreeg toen een tientje (10 Gulden) om die week te overbruggen.

contact_crisis_en_oorlog

Dergelijke geldsaneringsmaatregelen zijn nefast voor het vertrouwen in het geldsysteem. Dit was 70 jaar geleden het geval en nu ook nog. En laat dit vertrouwen nu net de hoeksteen zijn van elk financieel systeem.

Wie denkt dat we intussen “beschaafd” zijn geworden en dat dergelijke operaties niet meer zullen voorvallen, komt best van zijn wolk af en kijkt naar het Indiase voorbeeld.

En herlees misschien ook nog eens onze tekst over bail-out vs. bail-in.

Het is in dit kader ook bijzonder interessant om na te gaan wat er in India met de lokale goudprijs (in roepie) gebeurde. De recente gebeurtenissen in India zijn namelijk de zoveelste illustratie van de relatieve waarde van papieren geld. We zouden daarom denken dat er bij de meesten toch stilaan een belletje moet beginnen rinkelen.

Gelieve aan te melden om het volledige artikel te lezen.

Aanmelden voor bestaande gebruikers